hero

De glazen puien van de kerk staan altijd open

Verhalen/29 november 2019

Zonder het kruis op de voorgevel zou je het strakke gebouw langs het spoor in Vinex-wijk Vathorst niet meteen herkennen als kerk. En dat is precies de bedoeling. De kerk die architectenbureau RoosRos voor de Kruispunt Vathorst ontwierp, is multifunctioneel en niet alleen voor gelovigen. Hoe vertaal je de missies van een kerk naar architectuur anno nu?

Lef
De kerk in Vathorst was niet de eerste moderne kerk die RoosRos-architect Henri Zwerus maakte, maar wel de eerste waarin transparantie zo duidelijk tot uitdrukking komt. ‘De kerken die we eerder ontwierpen hebben allemaal nog een redelijk traditionele indeling. Dit is naar mijn weten een van de weinige kerken in Nederland die visueel en akoestisch gezien zo open is. Alles in de kerk is met elkaar vervlochten en vormt zo een eenheid. Sta je buiten, dan kijk je tussen de wijnflessen op de bar door zo de kerk in.’ Uniek, bevestigt een functionaris van de landelijke kerk. ‘Openheid is een veelbesproken thema binnen de kerkbouw, maar dat komt zelden zo expliciet uit de verf als hier. Daar is echt lef voor nodig.’

De drie kerkgenootschappen van Kruispunt wisten dan ook goed wat ze wilden toen ze met hun vraag aanklopten bij RoosRos. In relatief korte tijd was de kerkelijke gemeenschap uitgegroeid van minder dan honderd tot ruim duizend leden, uit verschillende gemeenten en van verschillende kerkelijke achtergronden. Helemaal in het begin kwam de gemeenschap samen in een restaurant en toen dat te klein werd, verhuisden de bijeenkomsten naar de hal van een middelbare school. ‘In principe kun je overal kerk zijn’, zegt een lid van de gemeenschap, ‘maar het grote nadeel van een ruimte huren: we waren volstrekt onzichtbaar in de wijk.’ En zo groeide de vraag naar een eigen gebouw.

Flexibiliteit en structuur
De Kruispunt selecteerde zo’n twintig architecten met ervaring in kerkbouw en nodigde hen uit een presentatie te geven van hun ideeën en werkwijzen. ‘Ik denk dat wij het deels dankzij onze ervaring zijn geworden,’ zegt Zwerus, ‘maar vooral om onze flexibele opstelling. Het programma van eisen is bij ons niet in beton gegoten en kan gedurende het traject altijd worden bijgesteld. Zo geef je ruimte voor de situatie en blijf je betrokken. Ik denk dat dat vertrouwen gaf.’

Andersom werkte het voor de architect prettig dat de organisatie al voorwerk had gedaan. ‘Er stonden veel wensen en eisen op papier. Een stortvloed aan woorden.’ Om daar wat meer structuur en prioriteiten in aan te brengen, hielp hij de organisatie de wensen en eisen te schikken. ‘Ik gaf ze drie categorieën: must have, nice to have en dreaming of. Met in iedere categorie drie doelen.’

Daaruit bleek dat zichtbaarheid, toegankelijkheid en eenvoud de drie uitgangspunten van het nieuwe kerkconcept vormden. ‘Termen als transparantie, uitnodiging, openheid en back to basics vallen daar ook onder.’ Belangrijk was ook dat de kerk geen typisch kerkgebouw verwachtte. ‘Het kerkelijke hoefde er niet van af te druipen.’

Opvallende locatie
Ondertussen was er nog geen locatie voor de kerk gevonden. Wel had de kerk een aantal opties geselecteerd in en rondom Vathorst. In de eerste plaats was de omvang van de kavel natuurlijk belangrijk. Maar wat de uiteindelijke locatie in deelgebied Laak 3 vooral interessant maakte, was de ligging vlak bij het treinstation en de snelweg. Zwerus: ‘Het station maakte het makkelijker om mensen van verder weg te ontvangen. En dat sloot goed aan op de pijler toegankelijkheid.’

Bovendien zorgde de nabijheid van het treinspoor en de A28 voor veel zichtbaarheid. ‘Andersom zie je vanuit de kerk de treinen en auto’s voorbijrijden,’ zegt een predikant als de kerk al een tijdje in gebruik is. ‘Dat stoort niet, maar doet je tijdens een dienst beseffen dat de buitenwereld bestaat en dat de reizigers, net als wijzelf, altijd onderweg zijn.’

Een ander voordeel was het geplande sportcomplex GymXL verderop in de wijk. Inclusief groot parkeerterrein. ‘Bij het ontwerpen van een gebouw met een capaciteit van vijfhonderd man kan parkeergelegenheid een struikelblok vormen,’ legt de architect uit. ‘Het parkeerterrein van het sportcomplex maakte deze locatie dus ook praktisch gezien interessant.’

Intensieve samenwerking
Ondanks de duidelijke wensen en eisen kreeg de architect in de uitvoering veel creatieve vrijheid. ‘Maar de samenwerking bleef intensief: we zagen en spraken elkaar veel. Dat maakte het mogelijk om het programma van eisen en het ontwerp steeds bij te stellen en te verfijnen.’ Zo ontstond pas veel later in het traject het idee om het trottoir bij het kerkterras te trekken. ‘Daardoor lopen voorbijgangers vanzelf over het kerkterrein, zonder dat ze zich daar misschien bewust van zijn.’ Op die manier benadrukt de kerk ook haar gastvrijheid en laagdrempeligheid.

Een andere samenwerkingspartner was de stedenbouwkundige. Op datzelfde terrein stond een woonwijk gepland, legt Zwerus uit. ‘Dat betekende dat we veel in dialoog waren met West 8, de stedenbouwkundig supervisor. Zij vonden het belangrijk dat de kerk zou opgaan in de wijk en zich zou voegen in de serie huizen die eromheen gepland stond. Dus hebben we het ontwerp daarop afgestemd. Dat zie je terug in de stijl en vormentaal van de gevel.’ 

Tegelijkertijd mocht de kerk wel opvallen. Daarom heeft de kerk in plaats van torens hoekaccenten en de gevel het karakter van een grachtenpand. Dat idee ontstond doordat het kerkterras aan het water grenst. Er zijn ook plannen om het water voor de deur te verbreden en er aanlegsteigers voor bootjes te maken. Zo zou de kerk dus zelfs vanaf het water toegankelijk zijn.

Stadse dynamiek in woonwijk
De geplande woonwijk bracht nog een andere complicatie met zich mee. De huizen zouden namelijk dicht op de kerk komen te staan, op hooguit negen meter afstand. ‘Daarom moesten we veel rekening houden met mogelijke geluidsoverlast,’ vertelt de architect. ‘Tijdens kerkdiensten worden verschillende muziekinstrumenten gebruikt en omdat het gebouw multifunctioneel is, moet het ook geschikt zijn voor bijvoorbeeld conferenties, concerten en voorstellingen. Als er ’s avonds laat een band optreedt, moeten de wijkbewoners daar geen last van hebben.’

De uitdaging was dus om de stadse dynamiek te combineren met de rust van een woonwijk. ‘Om te voorkomen dat het geluid neerslaat op de woningen, is het dak van beton gemaakt en bestaan de muren uit zware, dikke wandconstructies.’

Open, ongedwongen en informeel
Buiten naar binnen halen. Dat was het doel van de kerk. Het moest een plek worden voor gesprek en ontmoeting, religieus of niet. ‘Kerken zijn vaak zo formeel en die uitstraling kan afschrikken,’ zegt Zwerus. ‘Deze kerk is veel informeler dan gebruikelijk. En dat past ook helemaal bij de omgangsvormen binnen de Kruispunt.’

Zo hoefde de kerkdienst niet per se in een aparte ruimte te worden gehouden. Liever niet zelfs. ‘De kerk wilde geen muren met klapdeuren tussen de verschillende ruimtes, maar juist een open verbinding.’ Op die manier kunnen bezoekers vanuit het grandcafé of vanaf het balkon een dienst bijwonen. Wil je halverwege vertrekken, dan kan dat zonder dat het opvalt of afleidt. ‘Dat geeft een heel ongedwongen sfeer.’

De openheid komt ook in de akoestiek tot uitdrukking. Als de glazen puien openstaan, mengen de geluiden van buiten zich met het geluid in de kerk. ‘Zo halen we buiten dus letterlijk naar binnen,’ zegt een van de predikanten. Tijdens het ontwerpen kwam dan ook de vergelijking met een autoshowroom ter sprake. ‘Een showroom heeft minimaal één gevel volledig van glas, zodat je van een afstandje naar binnen kunt kijken en direct ziet wat er te koop is. Vandaar het idee om de voorgevel geheel van glas te maken.’ Dat sloot ook aan op de pijler eenvoud. ‘Door het glas in combinatie met het staal aan de buitenkant, ontstond een industriële uitstraling. Eenvoudig, maar ook modern en netjes verzorgd.’

Kerk of kroeg?
Tijdens het ontwerpproces ontstond zelfs de vergelijking van een kerk met een kroeg. ‘Het is een soort pop-upkerk,’ zegt een lid van de Kruispunt. ‘Op zondag is het meer dan doordeweeks als kerkgebouw herkenbaar.’ Voor het nieuwe kerkconcept was er binnen de gemeente wel wat huiverigheid. Zo waren de predikanten bang dat zo veel openheid niet goed zou zijn voor de aandacht tijdens een dienst. ‘Maar dat blijkt in de praktijk ongegrond,’ zegt een van de predikanten, ‘waarschijnlijk doordat er achter het podium wel een dichte wand is.’

Bovendien, vult een kerkbezoeker aan, ondersteunt de leegte in het interieur juist de beleving van de dienst. ‘Doordat er weinig afleiding is, ontstaat er meer ruimte voor rust en reflectie. De kracht is de afwezigheid van de symbolen.’ Een andere bezoeker mist de liturgische uitdrukkingen en stijlelementen wel, zowel in de architectuur als in kunstuitingen. ‘Er is geen vaste opstelling van een preekstoel, avondmaalstafel of doopvont. Dat oogt wat kaal. De kleinere stilteruimte grenzend aan de grote zaal heeft wel een duidelijkere christelijke profilering.’

Het ontbreken van een kerkelijke uitstraling zorgt dan ook voor verbazing. ‘Mensen zien er niet meteen een kerk in,’ zegt een lid van de huisvestingcommissie van de gemeente. ‘Daar waren veel leden van de Kruispunt in eerste instantie zelf ook op tegen. Maar omdat we de betekenis achter het gebouw samen hebben geformuleerd, in termen als openheid, toegankelijkheid en eenvoud, beschouwen we die verbazing nu als een groot compliment.’

Toekomstgericht
Het werk van RoosRos kenmerkt zich onder andere door toekomstgerichtheid. Dat vertaalt zich ook naar de Kruispuntkerk in Vathorst. ‘Mocht het gebouw ooit geen kerkelijke functie meer hebben,’ zegt Zwerus, ‘dan kan het kruis van de gevel af en is het geen kerk meer.’ Bovendien zijn alle materialen onderhoudsarm, bijna de hele buitenkant is van staal. ‘Het gebouw kan een lang leven leiden.’

Voor de gemeente betekent het gebouw ook een vruchtbare bodem voor toekomstige generaties. ‘Een eigen gebouw werkt verbindend,’ zegt een kerkbezoeker, ‘en dat heeft invloed op de volgende generaties. Voor en na de dienst zie je nu altijd kinderen rondrennen in het gebouw.’ Een predikant vult aan: ‘Een eigen kerkgebouw is belangrijk. Christenen hebben een plek, een gebouw waarin hun geloof resoneert. En daar hechten ook niet-gelovigen waarde aan. We zijn heel benieuwd of dit voorbeeld navolging krijgt binnen kerkelijk Nederland.’